Psalm 34
Toegeschreven aan David · alfabetisch acrostichon; dankpsalm (acrostichon van vertrouwen, vergelijkbaar met Psalm 25)
Waar gaat dit over?
In Psalm 34 dankt David God voor redding uit nood. Hij nodigt anderen uit om zelf te ervaren hoe goed God is, en leert dat wie ontzag heeft voor de Heer en Hem zoekt, niets tekortkomt. Het is een alfabetisch gedicht: bijna elk vers begint met de volgende letter van het Hebreeuwse alfabet.
Wat zegt de Bijbel?
Het opschrift verbindt de psalm met het moment waarop David zich anders voordeed tegenover Abimelech (in 1 Samuël 21 heet de koning Achis). David nodigt uit om te proeven en te ervaren hoe goed de Heer is, en zegt dat God dichtbij is bij mensen die gebroken zijn.
Het Nieuwe Testament haalt deze psalm meermaals aan. 1 Petrus 2:3 spreekt over proeven dat de Heer goed is, en 1 Petrus 3:10-12 neemt de verzen over het bewaken van je tong over. Johannes 19:36 ziet in de belofte dat geen bot van de rechtvaardige gebroken wordt een vervulling bij de kruisiging van Jezus.
Aangehaald in het Nieuwe Testament: 1 Petrus 2:3, 1 Petrus 3:10-12, Matteüs 5:3, Johannes 19:36.
Wat betekent dit voor jou?
Proeven en zien: geloof is niet alleen iets om over te praten, maar ook om te ervaren. En wie gebroken is, mag weten dat de Heer juist dan dichtbij is.
Wanneer heb jij gemerkt dat de Heer goed is, of waar zou je dat graag willen proeven?
Wist je dat?
Het opschrift noemt koning Abimelech, terwijl 1 Samuël 21 de koning Achis noemt; het is de eerste psalm die engelen als beschermers van de rechtvaardigen beschrijft.